Na COVID woog Beer Sparrow (30) uit Delft 131 kilo. Hij schrok zich rot. Het roer moest om en dat lukte hem dankzij NOK Clinics. Hij weet dat mensen denken dat afvallen met medicatie makkelijk is. Dat hij het niet zelf heeft gedaan. Hij vindt het een domme vergelijking - en legt graag uit waarom.
Als mensen vragen hoe Beer is afgevallen, zegt hij er soms niet alles bij. Niet uit schaamte, maar uit ervaring. "Als je toegeeft dat je medicatie gebruikt, heeft bijna iedereen iets negatiefs te zeggen. Ze willen je een schouderklopje geven, maar doen het dan toch net even niet. Dat interesseert me echt helemaal niks." Zijn weerwoord is simpel: "Als je een bank moet verhuizen die je niet in je eentje kunt optillen, schakel je ook hulp in."
Want gemakkelijk was het allesbehalve. Beer traint zes keer per week: krachttraining én vechtsport. Hij telt al jaren zijn calorieën, zet gemiddeld tienduizend stappen per dag en eet gezond. "Semaglutide doet dat allemaal niet voor mij. Dat moet ik echt zelf doen. Het is geen quick fix. Afvalmedicatie is gewoon een heel fijn hulpmiddel om die honger normaal te krijgen."
Beer was het dikke jongetje in de klas. Op zijn zestiende woog hij 105 kilo. Hij viel fors af in zijn studententijd - koolhydraatarm eten, vasten, fanatiek sporten - en bleef even op gewicht. "Je denkt dan: nooit meer terug. Maar de kilo's kwamen toch terug. Het was elke dag een strijd met mijn honger. En dat hongergevoel was nooit te stillen. Nooit."
Tijdens de lockdown schoot zijn gewicht omhoog. Hij vermeed de weegschaal, schatte zichzelf op zo'n 108 kilo. Bij zijn ouders thuis stond er 131. "Dat had ik echt niet verwacht. Dat was gewoon niet normaal."
Zijn vader, die zelf veel was afgevallen met medicatie, tipte hem over NOK Clinics. Beer aarzelde niet lang. "Er zijn mensen die zich ervoor schamen, die denken: dan doe je het niet zelf. Maar ik was al eerder op eigen kracht afgevallen. Ik wist dat dat niet het probleem was."
Toen Beer startte met de medicatie, veranderde er direct iets fundamenteels. "In één keer had ik na het eten gewoon genoeg gegeten. En een paar uur later nog steeds. Tot ik op een normale manier trek kreeg. Dat is bizar om mee te maken als je heel je leven altijd maar trek hebt gehad. Zo zijn normale mensen. Dat wist ik niet."
Hij werd begeleid door een coach die zelf ook aan vechtsport doet. Beer leunde sterk op proteïnecakes en -pannenkoeken; de tips die hij kreeg waren juist heel basaal. "Ik moest weer even normaal doen: gewoon ontbijten, meer groente bij het avondeten. Het is een soort stok achter de deur, er wordt constant gecheckt of het goed gaat. Dat is wel erg prettig."
Veertig kilo ging er af in vier jaar — rustig en consistent, ongeveer tien kilo per jaar. Zijn conditie maakte een spectaculaire sprong: waar hij vroeger na twintig minuten boksen uitgeput was, houdt hij nu zonder moeite een training van 1,5 uur vol. Onlangs liep hij zijn eerste 10 kilometer ooit, onder een uur. "Ik heb altijd een hekel gehad aan hardlopen. Maar ineens ging het gewoon goed."
Bij de neuroloog (voor iets heel anders) mat de arts zijn bloeddruk en zei: "Jij bent echt een atleet, hè?" Waar mensen hem op zijn 24e nog boven de 30 schatten, schatten ze hem nu, op zijn 30e, op 27. "Voorheen een bol gezicht en een baard. Nu een strakke kaaklijn."
Ook in kleine, alledaagse momenten merkt hij het verschil. Vroeger droeg hij alleen wijde kleding en trok op het strand zijn shirt liever niet uit. Nu draagt hij trots een strak T-shirt — of trekt het uit waar het kan. "In de Albert Heijn niet, maar verder gewoon overal," zegt hij lachend.
Beer zit op een lage onderhoudsdosis en is van plan dat te blijven doen. Niet omdat hij niet zonder kan, maar omdat het hem helpt te blijven wie hij geworden is. "Met deze medicatie maak ik eindelijk die belofte waar: nooit meer terug!"